Jovibarba heuffelii

Juni 2021 | Bekijk alle edities ‘Plant van de maand’

Deze vetplant is familie van de Crassulaceae, een familie met vele succulente planten die goed tegen droogte kunnen en in het algemeen niet moeilijk zijn. Vaak worden ze nog ondergewaardeerd en soms kunnen ze het ‘geraamte’ van de rotstuin vormen. Het geslacht wordt soms geclassificeerd als een onderklasse van Sempervivum, waarmee het nauw verwant is. In het wild komen de planten voor in berggebieden in het zuidoosten van Europa. Zelf heb ik ze gevonden in de bergen van Kosovo en op de Mount Olympus in Griekenland, op grazige stenige hellingen of verscholen tussen rotsstenen. Jovibarba heuffelii heeft in het wild olijfgroene rozetten en in cultuur zijn ze kleurrijker, ontstaan door kruisingen. De winterhardheid is tot -23 °C.

Jovibarba sortiment

De bloemen zijn vaak groengeel van kleur met zes bloemblaadjes in tegenstelling tot Sempervivum die vaak roze bloemen heeft en twee keer zoveel bloemblaadjes die meer openstaan. Bij Jovibarba staan de bloemblaadjes meer buisvormig open. De planten zijn monocarp, d.w.z. dat na de bloei het gebloeide rozet afsterft net als bij Sempervivum. Bij Jovibarba deelt zich het rozet als een dichotome deling en maakt zo nieuwe rozetten. Ze moeten bij vermeerdering met een mes van elkaar afgesneden worden. Een ander verschil met Sempervivum is, dat ze stoloonvormige uitlopers maken, die zich weer vastzetten op de bodem. In cultuur zien we ze vaak op stenen of tussen voegen van stenen, in stapelmuurtjes of in troggen met een goede afwatering. De grond moet niet teveel voeding bevatten en goed doorlatend zijn. De bloeitijd is tussen mei en juli op een zonnige standplaats. De vermeerdering gebeurt door zaaien of door planten te scheuren. Ze laten zich gemakkelijk kruisen. Er zijn nog twee andere Jovibarba soorten nl. Jovibarba globifera en Jovibarba hirta, waarvan de jonge planten afwijkend zijn. Ze maken kleine jonge planten die gemakkelijk van de oude plant afgehaald kunnen worden en gestekt kunnen worden.

Probeer het eens met Jovibarba of ook Sempervivum; het zijn planten die niet mogen ontbreken in onze rotstuinen.

Geert Borgonje